Schrijven over Suzanne Perlman

May 2026 | Aktueel

Het was begin 2025 toen Margo Groenwoud en ik benaderd werden door Matthew Perlman, de kleinzoon van beeldend kunstenaar Suzanne Perlman (1922-2020). Ik had reeds eerder contact gehad met Matthew en wist dat hij, na haar overlijden, de zorg voor de kunstcollectie van zijn grootmoeder op zich had genomen. Matthew was inmiddels ver gevorderd met het organiseren van een expositie van haar werk in het Singer Laren in Nederland, en vroeg ons om mee te schrijven aan een monografie over haar leven en oeuvre. 

De expositie ‘Suzanne Perlman’ in Singer Laren opende op 10 februari 2026, waarbij het gelijknamige boek voor het eerst gepresenteerd werd. Op 28 april 2026 volgde de presentatie op Curaçao, in aanwezigheid van Matthew. Voor de doopceremonie werd water met bloemen van de Trinitaria gebruikt, dat Matthew voorzichtig over het boek goot. Peetouders waren Lusette Verboom en Michael de Sola. 

De hele voorraad boeken, die Matthew bij zich had, was op deze avond meteen uitverkocht. Een nieuwe lading boeken is in aantocht en zal te koop zijn bij het Mongui Maduro Museum. Het goede nieuws dat Matthew had, is dat hij een expositie over Suzanne Perlman aan het voorbereiden is voor Curaçao!

Hieronder volgt mijn voordracht bij de boekpresentatie op 28 april 2026, waarbij ik was gevraagd om te vertellen over het schrijfproces. 

 

Schrijven over Suzanne Perlman

Een nieuwe samenwerking
Ik was blij verrast toen ik door Margo werd benaderd met het voorstel om samen aan een essay te werken over Suzanne Perlman. We kenden elkaar vanuit het culturele circuit en we besloten eerst om een afspraak te maken om een en ander te bespreken. Het klikte tussen ons, want een uurtje koffie drinken werd een hele ochtend, en ondanks onze drukke agenda’s hadden we vertrouwen in een samenwerking. Daar kwam bij dat Perlman ons beider interesse had. Het is niet verwonderlijk dat deze interesse snel omsloeg in een fascinatie.

Ontmoeting
Ik heb Suzanne Perlman één keer ontmoet. Het was tijdens een evenement op Landhuis Bloemhof, waarschijnlijk de opening van een expositie. Michele Russel stelde ons aan elkaar voor. Suzanne was klein, frêle en je voelde dat ze echt naar je keek. Het was geen vluchtig, ongeïnteresseerd handje wat je zo vaak meemaakt, maar een kort duidelijk moment, dat mij altijd is bijgebleven. Ondanks dat ik -tot vorig jaar- niet wist dat ik eens over haar werk en leven zou schrijven.

Haar kunst in lokale collecties
Als kunsthistoricus is het voor mij een gouden regel dat ik het werk waarover ik schrijf ook in het echt gezien moet hebben. Plaatjes zijn een goed geheugensteuntje, maar ik wil graag het werk in het echt bestuderen: hebben gezien, gevoeld, geroken en ervaren. Via Susi Kleinmoedig kreeg ik de informatie waardoor ik alle negentien werken van haar op Curaçao heb bestudeerd. Een deel is in bezit van instituten en een deel is in particulier bezit. Wat opviel, was dat haar werk bij de mensen heel na aan het hart is. 

Natuurlijk kende ik enkele werken al: ‘Kelki na Boka’ nam in 2017 bij de expositie ‘Un Rekuento’ over het 50-jarige jubileum van de toneelgroep Grupo Thalia, een belangrijke plaats in. Daarnaast hangt het in het dagelijks leven in de leeszaal van onze mooie Mongui Maduro Bibliotheek. Bij Het Curaçaosch Museum is het schilderij ‘Tambú’ onderdeel van de vaste presentatie. Ik kende ook het werk ‘Waaigat’ uit de collectie van de lokale verzekeringsmaatschappij Ennia. In 2006 verscheen een eerste monografie over haar, Curaçaosche Motieven. Daarnaast kom ik met enige regelmaat afbeeldingen van haar werk tegen, bijvoorbeeld op het internet of in de krant.

Database
Alsof ik al niet genoeg onder de indruk was, kreeg ik via Matthew toegang tot een database met foto’s van ál haar werken. Echter, onze focus was echt op het werk van haar Curaçao-tijd: de 5 decennia. Haar schilderijen plaatsen haar midden in de maatschappij. Het zijn boeiende schilderijen en ze tonen haar diepgaande interesse, fascinatie en empathie met het land en haar mensen.

Gelaagdheid
Ons essay is een overzicht van haar leven op Curaçao, in vogelvlucht. Ondanks een rijkdom aan materiaal, waren er veel vragen waarop we antwoord zochten. Naast het contact met Matthew voerden we ook gesprekken met Suzannes zonen. We spraken met Matthews  vader Robert en moeder Roberta, zijn oom George, én we konden haar andere zoon Louis schriftelijk benaderen. Ons beeld van Suzanne groeide en vormde zich.

Roeping
Teksten over Suzanne Perlman noemen altijd haar expressieve kleurgebruik, losse, gedurfde toets en compositie. In ons essay schrijven wij daar eveneens over.  Maar door haar werk en leven te bestuderen zagen wij nog iets: Het beeld ontstond van een jonge vrouw die het leven niet alleen met beide handen aangreep, maar zelfs begreep. Als een spons nam ze alles in zich op. Enerzijds met beide voeten op de grond, en tegelijkertijd met een rijk innerlijk leven en een krachtige verbeeldingsdrang.

Reeds op jonge leeftijd ontdekte zij, hier op Curaçao, wat haar roeping was. Daarom was zij altijd zoekende, om haar omgeving te ontdekken en te doorgronden, waar ze ook was. Wat zij ervaarde en leerde, deelde zij via haar schilderijen met ons. Onvermoeibaar.

Voorzetting
Wij zijn hier vanavond samen gekomen omdat Suzannes kleinzoon Matthew zich nu, met eenzelfde toewijding, over haar oeuvre ontfermt. Door deze publicatie is haar werk voor iedereen toegankelijk. Als kunsthistoricus is het voor mij een voorrecht om deel uit te maken van zijn team en Suzannes levensopdracht voort te zetten.

N.B.: Expositie in Mongui Maduro Library
Ter gelegenheid van de boekpresentatie is er in de Mongui Maduro Library een expositie over het kunstenaarschap van Suzanne Perlman. Deze is te bezoeken tot eind mei 2026.

©Josée Thissen-Rojer – Alle rechten voorbehouden.
Overname van tekst of beeld uitsluitend na toestemming.

Groepsfoto bij de presentatie van het boek 'Suzanne Perlman'. Van links naar rechts: Josée Thissen-Rojer, Michael de Sola, Matthew Perlman, Margo Groenewoud en Lusette Verboom-Fairbairn.
In het Mongui Maduro Library is voor deze gelegenheid een expositie ingericht over Suzannes kunstenaarschap.
Brochure uit 1961, bij haar eerste solo tentoonstelling in Het Curacaosch Museum.
Het schilderij 'Kelki na Boka' (Bokaal aan de Lippen), naar aanleiding van het toneelstuk geschreven door Cola Debrot in 1947. Het is opgevoerd door Grupo Thalia in de jaren 70.
Een foto van het aanwezige publiek. Er was veel belangstelling voor de boekpresentatie.
Matthew Perlman in het publiek. Later op de avond deelde hij herinneringen aan zijn grootmoeder en zijn ontzag voor haar oeuvre.
Als schrijvers van het essay over haar Curacao periode, gaven Margo Groenewoud en ik ieder een korte presentatie. Lusette Verboom was naast madrina ook moderator voor deze avond.
Het boek is door Matthew gedoopt met een mengsel van water en Trinitaria bloemen. Michael de Sola was de padrino en Lusette Verboom-Fairbairn was madrina.
Schrijvers van het boek, in alfabetische volgorde: Jan Garden Castro, Amiel Clarke, Jan Rudolph de Lorm, Rowan Frame, Margo Groenewoud, Jennifer Higgie, Klara Kemp-Welch, Julia Nagle, Hans Ulrich Obrist, Matthew Perlman en Josée Thissen-Rojer.

Secret Link